ECLI:NL:GHAMS:2011:BR4594
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.P.A. Boersma
- A.P.M. van Rijn
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging aanslag precariobelasting woonboot in stadsdeel Zeeburg
Belanghebbende, eigenaar van een woonboot in het water D te stadsdeel Zeeburg, maakte bezwaar tegen de aanslag precariobelasting over 2006. De heffingsambtenaar had aanslagen opgelegd voor twee woonboten, waarvan één aanslag werd verminderd tot nihil na bezwaar en de andere gehandhaafd. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en het hoger beroep bevestigde dit oordeel.
De kern van het geschil betrof de vraag of de aanslag terecht was opgelegd en of de Verordening precariobelasting Zeeburg 2006 onverbindend was wegens strijd met de Gemeentewet. Het hof oordeelde dat de aanslag gebaseerd is op artikel 228 van Pro de Gemeentewet en dat de verordening voldoende duidelijk is. Bovendien is geen sprake van onredelijke of willekeurige heffing.
Belanghebbende voerde ook een beroep op het vertrouwensbeginsel, stellende dat toezeggingen waren gedaan dat geen precariobelasting zou worden geheven tot 2012. Het hof stelde dat deze toezeggingen door onbevoegde ambtenaren waren gedaan en onvoldoende grond boden voor een gerechtvaardigd vertrouwen.
Daarnaast werd het gelijkheidsbeginsel ingeroepen omdat andere eigenaren bezwaar hadden gemaakt en aanslagen waren verminderd. Het hof vond echter dat niet aannemelijk was dat de heffingsambtenaar onrechtmatig had afgeweken van de verordening en dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag precariobelasting bevestigd.