ECLI:NL:GHAMS:2011:BU2071
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- J.C.W. Rang
- M.W.E. Koopmann
- L.J. Saarloos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen berisping gerechtsdeurwaarder wegens onbehoorlijke communicatie bij executie alimentatie
In deze zaak stond de executie van een alimentatiebeschikking centraal waarbij de gerechtsdeurwaarder was belast met het incasseren van achterstallige alimentatie. De gerechtsdeurwaarder ontving van zijn opdrachtgever een opgave van de achterstand en verifieerde deze, waarna hij beslag legde. Klager maakte bezwaar tegen de hoogte van de vordering en diende meerdere brieven en faxen in via zijn advocaat, waarin onder meer werd gewezen op een periode dat de zoon bij klager woonde, wat de alimentatieplicht zou verminderen.
De gerechtsdeurwaarder reageerde niet inhoudelijk op deze bezwaren en stelde dat klager zich tot de rechter moest wenden. De kamer voor gerechtsdeurwaarders verklaarde de klacht van klager gegrond en legde een berisping op. Het hof oordeelde dat de gerechtsdeurwaarder als zelfstandig openbaar ambtenaar een kritische en behoedzame houding moet aannemen, vooral bij alimentatiezaken waarbij hij afhankelijk is van de opgave van de opdrachtgever.
Hoewel het hof het oordeel van de kamer deels te zwaar vond, stelde het vast dat het niet inhoudelijk reageren op de bezwaren onbehoorlijk was. De gerechtsdeurwaarder had op zijn minst moeten melden dat de achterstand was doorgegeven aan de opdrachtgever en dat hij bij gebrek aan een rechterlijke uitspraak tot executie zou overgaan. Het hof vernietigde de beslissing van de kamer en legde alsnog de lichtste maatregel, een berisping, op aan de gerechtsdeurwaarder.
Uitkomst: Het hof vernietigt de beslissing van de kamer en legt de gerechtsdeurwaarder een berisping op wegens onbehoorlijk niet reageren op bezwaren.