ECLI:NL:GHAMS:2011:BU8385
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- R.A. Dozy
- P.H. van Ginkel
- V. van den Brink
- Rechtspraak.nl
Onrechtmatig handelen advocaat door niet naleven instructies deskundigenonderzoek handtekeningen
In deze civiele zaak staat centraal of de advocaat van [A] onrechtmatig heeft gehandeld jegens [appellant] door niet te voldoen aan de instructies van een handschriftdeskundige bij het vervaardigen van schrijfproeven. De procedure betreft een geschil over de echtheid van handtekeningen onder een echtscheidingsconvenant.
De rechtbank had eerder geoordeeld dat niet vaststond dat de advocaat wist dat de handtekeningen niet door [A] zelf waren gezet. Het hof stelt echter vast dat de advocaat onzorgvuldig en onrechtmatig heeft gehandeld door niet toe te zien op het in zijn bijzijn zetten van de handtekeningen, terwijl dit cruciaal was voor de waarheidsvinding.
De deskundige concludeerde met grote zekerheid dat de handtekeningen op de schrijfproeven niet door [A] waren gezet, wat de advocaat had moeten voorkomen. Het hof vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het onrechtmatig handelen van de advocaat jegens [appellant]. Tevens wordt de zaak verwezen naar schadestaat voor de vaststelling van de schadevergoeding.
Daarnaast oordeelt het hof dat de burgerlijke rechter bevoegd is om over deze onrechtmatigheid te oordelen, ondanks dat het handelen van de advocaat ook tuchtrechtelijk beoordeeld kan worden. De advocaat wordt veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: De advocaat is onrechtmatig jegens de wederpartij gehandeld en veroordeeld tot schadevergoeding, nader vast te stellen.