ECLI:NL:GHAMS:2011:BU9564
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid uitlener voor arbeidsongeval tijdens werkzaamheden voor derde
In deze zaak stond de aansprakelijkheid centraal van een uitlener voor een arbeidsongeval dat plaatsvond op 2 februari 2004. De werknemer, in dienst van een uitzendbureau en uitgeleend aan een transportbedrijf, verrichtte werkzaamheden voor een derde partij (UPS). Tijdens het werk raakte hij gewond bij een botsing met een reachtruck in de loods van UPS.
De kantonrechter had UPS aansprakelijk gesteld wegens tekortschieten in haar zorgplicht, maar de vorderingen tegen het transportbedrijf en het uitzendbureau afgewezen. In hoger beroep stelde de werknemer dat het transportbedrijf als uitlener aansprakelijk was op grond van artikel 7:658 lid 4 BW Pro, omdat het de zorgplicht voor de veiligheid aan UPS had overgedragen.
Het hof oordeelde dat het transportbedrijf inderdaad aansprakelijk is als uitlener, omdat UPS tekortgeschoten is in haar zorgplicht en het transportbedrijf de verantwoordelijkheid voor de veiligheid aan UPS had overgedragen. Het hof vernietigde het vonnis van de kantonrechter en veroordeelde het transportbedrijf tot betaling van de materiële en immateriële schade, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten.
Het hof wees het bewijsaanbod van het transportbedrijf af omdat er geen feiten waren gesteld die tot een ander oordeel zouden leiden. De schadevergoeding wordt slechts toegekend voor zover deze nog niet door UPS is voldaan. De veroordeling is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof veroordeelt het transportbedrijf als uitlener tot betaling van de door de werknemer geleden schade en proceskosten wegens het arbeidsongeval.