ECLI:NL:GHAMS:2012:4349

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
21 augustus 2012
Publicatiedatum
23 juni 2013
Zaaknummer
200.078.790/01 NOT
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid van klagers na intrekking klacht tegen notaris

Klagers hadden een klacht ingediend tegen een notaris, welke door de kamer van toezicht over de notarissen ongegrond werd verklaard. In hoger beroep trokken klagers hun klacht in, waardoor het hof oordeelde dat zij geen belang meer hadden bij een uitspraak over de klacht.

Het hof vernietigde daarom de bestreden beslissing van de kamer en verklaarde klagers niet-ontvankelijk in hun klacht. De beslissing werd genomen na behandeling van het hoger beroep en de ontvangst van de intrekkingsbrief van klagers.

De uitspraak benadrukt dat het algemeen belang geen voortzetting van de behandeling vereiste, waardoor het hof de klacht niet inhoudelijk heeft beoordeeld. De beslissing werd in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 21 augustus 2012.

Uitkomst: Klagers worden niet-ontvankelijk verklaard in hun klacht na intrekking in hoger beroep.

Uitspraak

GERECHTSHOF TE AMSTERDAM
TWEEDE MEERVOUDIGE BURGERLIJKE KAMER
Beslissing van 21 augustus 2012 in de zaak van:

1.[naam] ,

gevestigd te [gemeente],
2.
[naam],
wonende te [gemeente],
APPELLANTEN,
gemachtigde: mr
C.J.J. Hiebendaal, advocaat te ’s-Gravenhage,
t e g e n
[naam],
notaris te [gemeente],
GEÏNTIMEERDE,
gemachtigde:
mr. E.J.M. van Rijckevorsel-Teeuwen, advocaat te Amsterdam.

1.Het geding in hoger beroep

1.1.
Namens appellanten, hierna verder te noemen “klagers”, is bij een op 10 december 2010 ter griffie van het hof ingekomen verzoekschrift – met bijlage – tijdig hoger beroep ingesteld tegen de aan deze beslissing gehechte beslissing van de kamer van toezicht over de notarissen en kandidaat-notarissen te Amsterdam, hierna verder te noemen “de kamer”, van 16 november 2010, waarbij de kamer de klacht tegen geïntimeerde, hierna verder te noemen “de notaris”, in al haar onderdelen ongegrond heeft verklaard. Op 13 januari 2011 is van de zijde van klagers een aanvullend beroepschrift met bijlagen ontvangen.
1.2.
Van de zijde van de notaris is op 23 maart 2011 een verweerschrift met bijlagen ter griffie van het hof ingekomen.
1.3.
Het hoger beroep is behandeld ter openbare terechtzitting van 10 november 2011.
1.4.
Op 29 maart 2012 is van de gemachtigde van klagers een brief ter griffie van het hof ingekomen, inhoudende, voor zover in dezen van belang:
“Cliënten ([naam] en de heer [naam]) hebben mij meegedeeld, dat zij om hen moverende reden de onderhavige tuchtzaak willen beëindigen.
Ik trek derhalve hierbij namens cliënten de tuchtrechtelijke klachten tegen notaris [naam] in.”

2.De beoordeling

2.1.
Nu klagers de tuchtrechtelijke klachten tegen de notaris hebben ingetrokken, hetgeen het hof verstaat als dat zij geen belang meer hebben bij een uitspraak over de klachten en het algemeen belang naar het oordeel van het hof de voortzetting van de behandeling niet vergt, zal de beslissing van de kamer waarvan beroep worden vernietigd en zullen klagers alsnog niet-ontvankelijk worden verklaard in hun klacht.
2.2.
Op grond van hetgeen onder 2.1. is overwogen beslist het hof als volgt.

3.De beslissing

Het hof:
- vernietigt de bestreden beslissing en, opnieuw beslissende,
- verklaart klagers niet-ontvankelijk in hun klacht.
Deze beslissing is gegeven door mrs. A.L.G.A. Stille, A.M.A. Verscheure en
P. Blokland en in het openbaar uitgesproken op dinsdag 21 augustus 2012 door de rolraadsheer.