ECLI:NL:GHAMS:2012:BV7744
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van verrekening en uitleg koopovereenkomst aandelen Pluspoint B.V.
In deze civiele zaak stond de uitleg van een koopovereenkomst tussen IPG en MyPoint c.s. centraal, waarbij aandelen in Pluspoint B.V. werden verkocht. IPG vorderde betaling van een 'Further Consideration' van €325.000, terwijl MyPoint c.s. betwistten dat deze vordering nog bestond vanwege een tegenvordering uit hoofde van een inter-company vordering van Pluspoint op IPG.
De rechtbank had de vordering van IPG toegewezen en de tegenvorderingen van MyPoint c.s. afgewezen. MyPoint c.s. voerden in hoger beroep aan dat zij rechten uit hoofde van cessie konden uitoefenen en dat de koopovereenkomst niet van toepassing was op Pluspoint. Het hof oordeelde echter dat de koopovereenkomst een volledige afwikkeling van inter-company vorderingen voorschreef en dat MyPoint c.s. expliciet afstand hadden gedaan van eventuele resterende vorderingen na overdracht.
Verder verwierp het hof het verweer van MyPoint c.s. dat zij geen wettelijke rente verschuldigd zouden zijn wegens het ontbreken van een schriftelijke betalingsopgave en het beroep op redelijkheid en billijkheid. Het hof stelde de rente in op 1 april 2009 en vernietigde slechts het deel van het vonnis dat [appellant sub 2] hoofdelijk aansprakelijk stelde voor proceskosten in reconventie. De rest van het vonnis werd bekrachtigd en MyPoint c.s. werden veroordeeld in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en veroordeelt MyPoint c.s. tot betaling van €325.000 met rente vanaf 1 april 2009, met uitzondering van de hoofdelijkheid van [appellant sub 2] voor proceskosten in reconventie.