ECLI:NL:GHAMS:2012:BV9193
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.P.M. van Rijn
- A.D.R.M. Boumans
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake niet-ontvankelijkheid bezwaar overdrachtsbelasting en bevoegdheid inspecteur
Belanghebbende had bezwaar gemaakt tegen een beschikking van de inspecteur inzake de voldoening van overdrachtsbelasting. De rechtbank had het beroepschrift ten onrechte doorgezonden naar de inspecteur en hem opgedragen alsnog op het bezwaar te beslissen. Het Hof oordeelt dat op grond van artikel 26 Awr Pro tegen een beschikking op grond van artikel 65 Awr Pro geen bezwaar en beroep mogelijk is, waardoor het beroepschrift niet ontvankelijk is.
Belanghebbende stelde dat hij tijdig bezwaar had ingediend, maar kon dit niet aannemelijk maken. De rechtbank had overwogen dat het overleggen van een bezwaarschrift met dagtekening onvoldoende was om te concluderen dat het tijdig was verzonden. Ook de stelling dat overleg met de notaris had plaatsgevonden was onvoldoende. Het Hof onderschrijft deze overwegingen en verklaart het incidenteel hoger beroep ongegrond.
Het Hof vernietigt de uitspraak van de rechtbank en verklaart het beroep van belanghebbende ongegrond. Tevens wijst het Hof het hoger beroep van de inspecteur toe. De uitspraak is gedaan door de belastingkamer van het Gerechtshof Amsterdam op 6 januari 2012. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.