ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4821
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Geen vrijstelling premie volksverzekeringen voor gedetacheerde werknemer in Azerbeidzjan
Belanghebbende was in 2006 in dienst van een Nederlandse werkgever en gedetacheerd naar een vestiging in Azerbeidzjan. Hoewel hij zijn werkzaamheden daar verrichtte, bleef de arbeidsovereenkomst met de Nederlandse werkgever ongewijzigd en werd het salaris door deze werkgever uitbetaald met inhouding van loonheffing en premies.
Belanghebbende vorderde vrijstelling van de premie volksverzekeringen op grond van artikel 12, eerste lid, van het Besluit uitbreiding en beperking kring verzekerden volksverzekeringen 1999 (BUB), stellende dat hij in materiële zin bij een buitenlandse werkgever werkte. De inspecteur en rechtbank verwierpen dit standpunt omdat formeel de Nederlandse werkgever als werkgever geldt.
Het Hof overwoog dat het werkgeversbegrip in de sociale zekerheid eenduidig is en het Besluit van 10 maart 2004, dat een materieel werkgeversbegrip hanteert, niet van toepassing is op premie volksverzekeringen. De detachering en lokale arbeidsovereenkomst in Azerbeidzjan leiden niet tot een andere verzekeringspositie. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aanslag premies volksverzekeringen bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag premies volksverzekeringen bevestigd.