ECLI:NL:GHAMS:2012:BW4964
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- AP.M. van Rijn
- J.P.A. Boersma
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde grachtenpand wegens funderingsgebreken en verzakkingen
Belanghebbende is eigenaar van een grachtenpand in Amsterdam waarvan de WOZ-waarde voor het tijdvak 2009 was vastgesteld op €1.541.500. Deze waarde werd door belanghebbende betwist vanwege ernstige funderingsgebreken en verzakkingen die herstelkosten van €143.000 met zich meebrengen.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, stellende dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat sprake was van een waardevermindering door onherstelbare verzakkingen. Het Hof stelt echter vast dat de bewijslast ten onrechte bij belanghebbende is gelegd en dat hij met de ingebrachte stukken voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat funderingsgebreken aanwezig zijn.
De heffingsambtenaar heeft niet aannemelijk gemaakt dat met deze waardedrukkende omstandigheid voldoende rekening is gehouden bij de vaststelling van de WOZ-waarde. Het Hof vermindert daarom de waarde van de woning tot €1.398.500, rekening houdend met de herstelkosten. Tevens veroordeelt het Hof de heffingsambtenaar in de proceskosten van belanghebbende.
De uitspraak is gedaan door het Gerechtshof Amsterdam op 26 april 2012 en vernietigt de eerdere uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt verminderd tot €1.398.500 vanwege funderingsgebreken en verzakkingen.