ECLI:NL:GHAMS:2012:BW5869
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging naheffingsaanslag parkeerbelasting ondanks gehandicaptenparkeerkaart en vervangende auto
Belanghebbende parkeerde op 21 juni 2010 een auto zonder geldige parkeervergunning voor gehandicapten, hoewel hij in het bezit was van een Europese gehandicaptenparkeerkaart en een geldige Amsterdamse parkeervergunning voor een andere auto. De gemeente legde een naheffingsaanslag parkeerbelasting op wegens het ontbreken van een geldig parkeerkaartje of vergunning.
Na bezwaar en een uitspraak van de rechtbank die de naheffingsaanslag handhaafde, stelde belanghebbende hoger beroep in. Hij voerde aan dat de naheffingsaanslag onterecht was omdat hij een gehandicaptenparkeerkaart had en dat hij tijdelijk een vervangende auto gebruikte waarvoor geen vergunning was afgegeven.
Het Hof oordeelde dat de Europese gehandicaptenparkeerkaart alleen geldig is op speciaal aangewezen gehandicaptenparkeerplaatsen en dat de Amsterdamse regeling via een elektronische parkeervergunning voor gehandicapten geldt voor andere parkeerplaatsen. Omdat de vergunning niet was overgezet op de vervangende auto, was het parkeren zonder betaling niet toegestaan.
De klacht dat de gemeente niet bereikbaar was om de vervangende auto door te geven, werd verworpen. Het Hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen veroordeling in proceskosten uitgesproken.
Uitkomst: Het Hof bevestigt de naheffingsaanslag parkeerbelasting omdat de vergunning niet geldig was voor de geparkeerde auto.