ECLI:NL:GHAMS:2012:BW7906
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.P.M. van Rijn
- A.D.R.M. Boumans
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bezwaren tegen WOZ-waarde en proceskostenvergoeding voor professionele rechtsbijstand
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van een winkelpand en vorderde een hogere vergoeding voor de kosten van professionele rechtsbijstand. De heffingsambtenaar had de WOZ-waarde verlaagd en een forfaitaire vergoeding van €218 toegekend. De rechtbank stelde de vergoeding in de bezwaarfase vast op €318, maar beperkte de vergoeding voor deskundigenkosten tot twee uren tegen een lager uurtarief.
In hoger beroep stelde belanghebbende dat de ingediende brief met bijlagen als een taxatierapport moest worden aangemerkt, wat een hogere vergoeding zou rechtvaardigen. Het Hof oordeelde echter dat de brief juridisch van aard was en geen taxatierapport bevatte, omdat het geschil slechts over de huurwaarde ging en de overige waardebepalingen niet betwist waren.
Het Hof bevestigde de forfaitaire vergoeding van €218 voor professionele rechtsbijstand in de bezwaarfase en wees het verzoek om een hogere vergoeding af. Ook een schadevergoeding wegens vermeende overschrijding van de redelijke termijn werd afgewezen omdat de termijn niet was overschreden. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd met een forfaitaire proceskostenvergoeding van €218.