ECLI:NL:GHAMS:2012:BW7950
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- H.E. Kostense
- E.A.G. van der Ouderaa
- A.M. van Amsterdam
- Rechtspraak.nl
Beoordeling aftrekbaarheid boekverlies verbouwing pand privévermogen na beëindiging onderneming
Belanghebbende was eigenaar van een pand waarin een dierenartspraktijk werd geëxploiteerd. Na een ingrijpende verbouwing werd het pand deels als woning en deels als praktijkruimte gebruikt, waarbij het gehele pand als privévermogen werd aangemerkt. Na beëindiging van de onderneming in 2002 werd de praktijk overgedragen aan een derde, die tevens het praktijkgedeelte huurde.
In geschil was of belanghebbende terecht een boekverlies op de verbouwing van circa €278.989 in aftrek had gebracht bij de belastingaangifte. Het Hof oordeelde dat het pand als privévermogen moet worden beschouwd en dat slechts uitgaven die specifiek voor de onderneming bestemd waren, als bedrijfslast konden worden aangemerkt. Veel van de verbouwingskosten betroffen regulier onderhoud en modernisering van het pand en zijn niet als ondernemingskosten aan te merken.
Verder bleek uit taxatierapporten dat de waarde van het pand door de verbouwing was gestegen. Daarnaast waren al afschrijvingen ten laste van het resultaat gebracht en was een vergoeding van €74.000 ontvangen van de overnemer, naast een hogere huur gedurende tien jaar. Belanghebbende had niet aannemelijk gemaakt dat de werkelijke ondernemingskosten hoger waren dan deze bedragen.
Het Hof verwierp ook het subsidiaire standpunt van belanghebbende dat de ontvangen goodwillvergoeding slechts gedeeltelijk belastbaar zou zijn. De heffingsrente werd eveneens gehandhaafd. De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de aanslag inkomstenbelasting 2002 wordt bevestigd.