ECLI:NL:GHAMS:2012:BX4214
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vaststelling schadevergoeding wegens schending waarschuwingsplicht bij vermogensbeheer volgens Premselaar-methode
In deze civiele zaak stond de vraag centraal of de vermogensbeheerder NNEK aansprakelijk is voor de schade die appellant heeft geleden door het beheer van zijn portefeuille volgens de Premselaar-methode. Het hof bouwt voort op eerdere tussenarresten en beoordeelt de hoogte van de schadevergoeding die appellant toekomt.
Appellant stelde dat de waarde van zijn portefeuille bij aanvang van het beheer in januari 1999 €1.647.197,- bedroeg en eind mei 2002 was gedaald tot €25.474,-, terwijl hij in die periode €643.896,- had opgenomen. De schadeberekeningen van deskundigen [H.] en prof. dr. [K.] werden uitgebreid besproken, waarbij het hof het bedrag aan kosten dat in de berekeningen werd gehanteerd kritisch beoordeelde en koos voor het lagere bedrag van €173.303,- uit het rapport van [H.].
Het hof verwierp het betoog van NNEK dat appellant zijn schade niet aan haar kon toerekenen omdat hij na een waarschuwing in 2001 het beheer had voortgezet. Dit was reeds in een eerder tussenarrest bindend beslist. Uiteindelijk stelde het hof de schade vast op €415.297,-, te vermeerderen met wettelijke rente vanaf 7 juni 2002. De vordering tot vergoeding van deskundigenkosten werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Het hof vernietigde het bestreden vonnis, wees de schadevergoeding toe, veroordeelde NNEK in de proceskosten van beide instanties en verklaarde de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: NNEK wordt veroordeeld tot betaling van €415.297,- schadevergoeding plus wettelijke rente vanaf 7 juni 2002.