ECLI:NL:GHAMS:2012:BX8081
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat geen commissionairsactiviteit is verricht en geen aftrek omzetbelasting mogelijk
Belanghebbende, een onderneming die een concept ontwikkelde voor belastingvrij winkelen door buiten de EU woonachtige reizigers, voerde in hoger beroep aan dat zij recht had op aftrek van omzetbelasting die aan haar in rekening was gebracht bij aankopen door een toeriste in Nederland. De rechtbank had dit beroep ongegrond verklaard en het hof bevestigt deze uitspraak.
Het hof oordeelt dat belanghebbende niet de feitelijke macht heeft verkregen om als eigenaar over de goederen te beschikken die de toeriste in Nederland heeft gekocht. De aankopen zijn door de toeriste zelf gedaan en betaald, waarbij belanghebbende slechts op papier als commissionair fungeert. De situatie voldoet niet aan de criteria van artikel 3, zesde lid, van de Wet op de omzetbelasting 1968, omdat de tussenkomst van belanghebbende niet leidt tot een levering door haar als commissionair.
Hoewel belanghebbende als ondernemer moet worden aangemerkt, leidt dit niet tot het recht op aftrek van omzetbelasting, omdat geen sprake is van een daadwerkelijke levering via belanghebbende. Het hof ziet geen aanleiding om de uitspraak van de rechtbank te wijzigen en verklaart het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd; geen recht op aftrek omzetbelasting.