ECLI:NL:GHAMS:2012:BY3959
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep tegen wrakingsbeschikking rechtbank Amsterdam
Deze zaak betreft een hoger beroep van verzoeker tegen een beschikking van de wrakingskamer van de rechtbank Amsterdam, waarin zijn verzoek tot wraking van een rechter werd afgewezen. De wrakingsverzoeken betroffen meerdere rechters en wrakingskamers, waarbij verzoeker onder meer vroeg om aanhouding van de behandeling en opname van de zitting.
Het hof heeft de stukken van de eerdere wrakingsprocedures en zittingen bestudeerd. Op grond van artikel 515 lid 5 van Pro het Wetboek van Strafvordering is tegen een wrakingsbeschikking geen zelfstandig hoger beroep mogelijk. Verzoeker kan zijn wrakingsgronden slechts aanvoeren in een hoger beroep tegen de inhoudelijke strafzaak zelf.
Daarom verklaart het hof verzoeker niet-ontvankelijk in het ingediende hoger beroep tegen de wrakingsbeschikking. Een inhoudelijke behandeling van het wrakingsverzoek in hoger beroep vindt niet plaats. Tevens wordt het verzoek om uitstel voor het indienen van gronden niet behandeld omdat het belang daarvan is komen te vervallen.
De beslissing is genomen door drie raadsheren van het hof, in aanwezigheid van de griffier, en uitgesproken tijdens een openbare zitting op 5 juni 2012.
Uitkomst: Verzoeker is niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep tegen de wrakingsbeschikking.