ECLI:NL:GHAMS:2012:BY5804
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- A.P.M. van Rijn
- J.P.A. Boersma
- J.P. Kruimel
- Rechtspraak.nl
Bevestiging heffing overdrachtsbelasting bij verkrijging economische eigendom onroerende zaak
In deze bestuursrechtelijke zaak staat centraal of belanghebbende economische eigendom heeft verkregen van een onroerende zaak als bedoeld in artikel 2, tweede lid, van de Wet op belastingen van rechtsverkeer (WBR) en of de waarde van de verkrijging moet worden verminderd met de canon.
Belanghebbende had in 2002 een belang verkregen in een perceel grond met daarop een bedrijfsgebouw, waarbij de economische gerechtigdheid werd overgedragen. De inspecteur legde naheffingsaanslag overdrachtsbelasting op, welke door belanghebbende werd bestreden. De rechtbank oordeelde dat sprake was van verkrijging van economische eigendom van de onroerende zaak (grond en opstal) en bevestigde de aanslag.
Het Hof sluit zich aan bij de rechtbank en overweegt dat de economische eigendom ook de opstal omvat, omdat deze duurzaam met de grond is verenigd en geen recht van opstal is gevestigd. De stelling dat sprake is van een recht van erfpacht en dat de waarde verminderd moet worden met de canon wordt verworpen, omdat geen erfpachtrecht is gevestigd. De waarde van de verkrijging wordt dan ook niet verminderd. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting bevestigd.