ECLI:NL:GHAMS:2013:1898
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen ongegrondverklaring klacht over notaris inzake onterving en VOF
Klager stelde een klacht in tegen de notaris over het niet adequaat beantwoorden van vragen omtrent onterving en een vennootschap onder firma (VOF), alsmede over het in rekening brengen van kosten voor een gesprek. De kamer van toezicht verklaarde de klacht ongegrond omdat klager niet kon aantonen dat de notaris onzorgvuldig had gehandeld.
In hoger beroep heeft het hof de feiten en standpunten van de kamer overgenomen. De notaris had toegelicht dat de onterving reeds in het testament was voorzien en dat voor het gevraagde advies over de VOF een aparte opdracht nodig was, die niet tot stand kwam. Tevens was het niet de taak van de notaris om als juridisch loket te fungeren voor vermeende strafbare feiten.
Het hof concludeerde dat de notaris niet tuchtrechtelijk laakbaar had gehandeld en bekrachtigde de beslissing van de kamer. De klacht werd daarmee definitief ongegrond verklaard.
Uitkomst: De klacht tegen de notaris wordt ongegrond verklaard en de bestreden beslissing wordt bekrachtigd.