ECLI:NL:GHAMS:2013:5225
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens ontbreken verzuim bij niet-afgemaakt dakwerk
In deze civiele zaak stond centraal of tussen partijen een aannemingsovereenkomst bestond en of de aannemer tekortgeschoten was in de nakoming daarvan. De opdrachtgever vorderde betaling wegens schade door niet-afgemaakt werk aan het dak van haar garage. De aannemer betwistte het bestaan van een aannemingsovereenkomst en stelde dat de werkzaamheden een vriendendienst waren, die niet werden afgerond vanwege onmin met de partner van de opdrachtgever.
Het hof stelde vast dat er wel degelijk een aannemingsovereenkomst was, gelet op een overzicht dat een voldoende duidelijke omschrijving van werkzaamheden en prijs bevatte, en het feit dat de aannemer was gestart met de werkzaamheden en betalingen had ontvangen. Echter, het hof oordeelde dat de opdrachtgever onvoldoende had ingebreken gesteld conform artikel 6:82 BW Pro, omdat de sommatiebrieven geen redelijke termijn voor nakoming bevatten.
Verder was onvoldoende gebleken dat de aannemer het werk niet wilde afmaken, mede omdat hij een aanbod had gedaan om herstelwerkzaamheden te verrichten, dat niet door de opdrachtgever was aanvaard. Ook was het aan de opdrachtgever om duidelijk te maken binnen welke termijn het werk afgemaakt moest worden. De vorderingen werden daarom afgewezen en de kostenveroordelingen werden bevestigd.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering af wegens het ontbreken van verzuim door de aannemer en bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter.