ECLI:NL:GHAMS:2014:1377

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
22 april 2014
Publicatiedatum
23 april 2014
Zaaknummer
200.136.247/01 NOT
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 99 lid 13 Wna
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard tegen ongegrond verzet tegen beslissing kamer notariaat

Appellant heeft bij de kamer voor het notariaat een klacht ingediend tegen een notaris, welke door de plaatsvervangend voorzitter van de kamer niet-ontvankelijk werd verklaard. Appellant stelde hiertegen verzet in, dat door de kamer ongegrond werd verklaard. Vervolgens stelde appellant hoger beroep in bij het gerechtshof Amsterdam tegen deze beslissing van de kamer.

Het hof heeft overwogen dat op grond van artikel 99 lid 13 van Pro de Wet op het notarisambt geen rechtsmiddel openstaat tegen een beslissing van de kamer tot ongegrondverklaring van het verzet. Hierdoor is appellant niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep. Er is geen sprake van essentiële procesfouten die een andere beslissing zouden rechtvaardigen.

Het hof heeft het verzoek tot nader onderzoek en het horen van getuigen afgewezen en verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk. De zaak is behandeld in openbare terechtzitting waarbij beide partijen verschenen en pleitnota’s hebben overgelegd.

Uitkomst: Het hof verklaart appellant niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep tegen de beslissing van de kamer notariaat.

Uitspraak

beslissing
___________________________________________________________________ _ _
GERECHTSHOF AMSTERDAM
afdeling civiel recht en belastingrecht
zaaknummer : 200.136.247/01 NOT
nummer eerste aanleg : KLN 12.18
beslissing van de notaris- en gerechtsdeurwaarderskamer van 22 april 2014
inzake
[appellant],
met woonplaats te Nuenen,
appellant,
tegen
[geïntimeerde],
notaris te Nuenen,
geïntimeerde.

1.Het geding in hoger beroep

1.1.
Van de zijde van appellant (hierna: klager) is bij een op 29 oktober 2013 ter griffie van het hof ingekomen verzoekschrift tijdig hoger beroep ingesteld tegen de aan deze beslissing gehechte beslissing van de kamer voor het notariaat in het ressort ‘s-Hertogenbosch (hierna: de kamer) van 21 oktober 2013.
Bij genoemde beslissing heeft de kamer het verzet van klager tegen de beslissing van de plaatsvervangend voorzitter van de kamer van 28 mei 2013 ongegrond verklaard.
1.2.
De notaris heeft geen verweerschrift ingediend.
1.3.
De zaak is behandeld ter openbare terechtzitting van het hof van 3 april 2014. Klager en de notaris zijn verschenen en hebben het woord gevoerd, beiden aan de hand van aan het hof overgelegde pleitnota’s.

2.Stukken van het geding

Het hof heeft kennis genomen van de inhoud van de door de kamer aan het hof toegezonden stukken van de eerste instantie en de hiervoor vermelde stukken.

3.Ontvankelijkheid

3.1.
Klager heeft bij brief van 22 augustus 2012 bij de kamer een klacht ingediend tegen de notaris. De plaatsvervangend voorzitter van de kamer heeft bij beslissing van 28 mei 2013 klager niet-ontvankelijk verklaard in zijn klacht. Tegen die beslissing heeft klager tijdig verzet ingesteld bij de kamer. Na onderzoek van de klacht heeft de kamer bij beslissing van 21 oktober 2013 het verzet ongegrond verklaard.
3.2.
Artikel 99 lid 13 Wna Pro bepaalt dat geen rechtsmiddel openstaat tegen een beslissing van de kamer tot ongegrondverklaring van het verzet. Dat brengt mee dat klager in zijn hoger beroep niet kan worden ontvangen. Gesteld noch gebleken is dat bij de behandeling van het verzet essentiële vormen niet in acht zijn genomen, op grond waarvan in andere zin zou moeten worden beslist.
3.3.
Er is geen aanleiding voor nader onderzoek met betrekking tot de klacht en dus evenmin voor het horen van getuigen.
3.4.
De onderdelen waarmee klager zijn klacht in hoger beroep heeft aangevuld, moeten buiten behandeling blijven omdat het hof alleen de zaak, zoals die in eerste aanleg aan de orde is geweest, opnieuw in volle omvang beoordeelt.
3.5.
Hetgeen partijen verder nog naar voren hebben gebracht, kan onbesproken blijven omdat het niet kan leiden tot een andere beslissing.

4.Beslissing

Het hof verklaart klager niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep.
Deze beslissing is gegeven door mrs. W.J.J. Los, A.M.A. Verscheure en A.A. van Berge en in het openbaar uitgesproken op dinsdag 22 april 2014 door de rolraadsheer.