Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
2.Feiten
Zekerheid
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende, een operateur in de vrije zone controle type II, heeft op 22 januari 2011 goederen zonder toestemming van de douane uit de vrije zone verwijderd en vervoerd naar Frankrijk. Hierdoor zijn de goederen onttrokken aan het douanetoezicht, waardoor een douaneschuld is ontstaan. De rechtbank had eerder het beroep van belanghebbende ongegrond verklaard en het Gerechtshof bevestigt deze uitspraak.
Het geschil betrof de vraag of de UTB (uitnodiging tot betaling) terecht was opgelegd en of belanghebbende als schuldenaar kon worden aangemerkt. Het Hof oordeelde dat de onttrekking aan het douanetoezicht onomstotelijk vaststaat en dat belanghebbende als vergunninghouder aansprakelijk is voor dergelijke onttrekkingen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel en alternatieve bewijslevering werd verworpen vanwege strijdigheid met het Unierecht.
Daarnaast bevestigde het Hof dat de douaneschuld in Nederland is ontstaan en dat de inspecteur bevoegd is tot invordering, ook al zijn er in Frankrijk rechten betaald. De heffing van omzetbelasting bij invoer is eveneens terecht vastgesteld. Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.