Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
3.Beoordeling
betreft: bemiddelingsopdracht verwerving hotelruimte te Amsterdam. (…) Hierbij bevestigen wij de opdracht om tot aankoop en/of aanhuur van bedrijfsruimte ten behoeve van de vestiging van een hotel in Amsterdam te geraken. (…) Voor de werkzaamheden in het voortraject berekenen wij u eenmalig courtage van € 4.500,- exclusief 19% BTW. Deze werkzaamheden betreffen de begeleiding bij het selecteren van geschikte panden die aan het stadsbestuur zullen worden voorgedragen voor een bestemmingswijziging naar hotel, dan wel een vrijstelling van de geldende bestemming zodat er een hotel in gevestigd kan worden. (..) In geval van daadwerkelijke aanhuur berekenen wij een courtage (…) eindigen onze werkzaamheden in het voortraject uiterlijk per 30 juni 2008(…)”
kantoren/gemengde doeleinden” heeft. Een deel van het pand is -reeds geruime tijd geleden- gebouwd op grond met de bestemming “
keurtuin”.
doordat de bebouwing op de keurtuinen in stand wordt gehouden is geen sprake van een kwaliteitsimpuls. Het beleid van de binnenstad is om tuinen en erven vrij te maken van bebouwing. Een nieuwe functie in betreffende bebouwing is hiermee in strijd. Ook geeft het hotelbeleid aan dat hotelontwikkeling in een bestaande combinatie van panden uitsluitend mogelijk is indien die ontwikkeling leidt tot herstel van de oorspronkelijk/historische parcellering en structuur. In uw plan is geen sprake van enig herstel van de parcellering.”’
in antwoord op uw verzoek (…) om een beginseluitspraak in het kader van het quotum hotelbeleid 2008-2011 voor hotelquotum voor 42 kamers voor het gebouw [adres] wordt u het volgende meegedeeld.
in reconventie is de zaak verwezen voor een akte van gedaagde (NR, opm. hof).
Vervolgens is de zaak geschorst en naar de parkeerrol verwezen in verband met het faillissement van gedaagde. Eiseres (Rappange, opm. hof
) stelt dat uit de gedragingen van de curatio (het hof leest: curator
) van gedaagde is afgeleid dat de curator thans niet bereid is de procedure met betrekking tot de vordering in reconventie over te nemen en dat de curator voldoende tijd heeft gehad om de vordering over te nemen. Alsmede is de reconventionele vordering gecedeerd zodat de curator geen belang meer heeft bij overname van de procedure. Gedaagde heeft tegen de vordering tot ontslag van instantie geen verweer gevoerd, waardoor de vordering, die op het recht is gegrond, als onweersproken toewijsbaar is.