ECLI:NL:GHAMS:2014:2694
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- M.M.M. Tillema
- M.W.E. Koopmann
- G.H. Lankhorst
- Rechtspraak.nl
Verlenging schuldsaneringsregeling na onvoldoende nakoming sollicitatieplicht
Appellante verzocht het hof het tussentijds beëindigen van haar schuldsaneringsregeling te vernietigen en haar alsnog de regeling te laten voltooien. Hoewel zij niet arbeidsongeschikt is, ondervond zij psychische belemmeringen bij het solliciteren en had zij slechts incidenteel gesolliciteerd. Zij schakelde daarom hulp in van een maatschappelijk werkster om haar sollicitaties te ondersteunen.
De bewindvoerder stelde dat appellante geen bewijs van arbeidsongeschiktheid had geleverd en dat de sollicitatieplicht daarom volledig van toepassing bleef. Wel had de bewindvoerder vertrouwen in de voortzetting van de inspanningen door de hulp die nu werd geboden en stelde voor de regeling met 24 maanden te verlengen.
Het hof oordeelde dat appellante haar sollicitatieplicht toerekenbaar onvoldoende was nagekomen, maar dat er voldoende gronden waren om haar een laatste kans te geven. Met de hulp van de maatschappelijk werkster en duidelijke afspraken achtte het hof het mogelijk dat zij haar verplichtingen voortaan zou nakomen. Daarom vernietigde het hof het tussentijdse beëindigingsvonnis en verlengde de schuldsaneringsregeling met 12 maanden. Het hof benadrukte dat alle verplichtingen uit de regeling onverkort blijven gelden.
Uitkomst: Het hof verlengt de schuldsaneringsregeling met 12 maanden en vernietigt het tussentijdse beëindigingsvonnis.