Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.de naamloze vennootschap LONDON VERZEKERINGEN N.V.,
[appellant sub 2],
1.Het geding in hoger beroep
2.De ontvankelijkheid van het hoger beroep
3.De feiten
4.Beoordeling
Veronderstellenderwijs ervan uitgaande dat [geïntimeerde] reeds direct op 28 maart 1996 zowel met haar schade als met de daarvoor aansprakelijke persoon – [appellant sub 2] – bekend is geworden, zou ingevolge het bepaalde in artikel 3:310 BW Pro een terzake aan [geïntimeerde] toekomende rechtsvordering tot schadevergoeding tegen [appellant sub 2] verjaren – behoudens stuiting van die verjaring – na verloop van vijf jaren na 28 maart 1996, dus op 28 maart 2001.