Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
ASR SCHADEVERZEKERING N.V.,
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak stond centraal of een assurantietussenpersoon namens appellante een autoverzekering mocht sluiten bij ASR Schadeverzekering N.V. Appellante betwistte dat zij opdracht of volmacht had gegeven voor het sluiten van de verzekeringsovereenkomst. Het hof stelde vast dat onvoldoende was gesteld of gebleken dat Amstelliving een toereikende volmacht had om namens appellante de verzekeringsovereenkomst aan te gaan.
Het hof oordeelde dat appellante zich niet op een schijn van volmacht kan beroepen, omdat zij niet de juiste gedragingen of verklaringen had gegeven die ASR redelijkerwijs mochten doen aannemen dat een volmacht was verleend. Ook was niet gebleken dat appellante de verzekeringsovereenkomst had bekrachtigd, waardoor zij niet gebonden is aan de overeenkomst.
De vorderingen van ASR tot betaling van premie werden afgewezen, terwijl appellante recht heeft op terugbetaling van de reeds betaalde premie van €600,- vermeerderd met wettelijke rente vanaf 13 december 2011. ASR werd veroordeeld in de proceskosten van beide instanties. Het arrest werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het hof vernietigt het vonnis en oordeelt dat appellante niet gebonden is aan de verzekeringsovereenkomst, met terugbetaling van de betaalde premie.