Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Het geding in hoger beroep
2.De feiten
3.Beoordeling
weinig of zelfs niets (financiën) van terecht gekomen.
Gerechtshof Amsterdam
In deze civiele zaak vordert [X] betaling van een bonus van €14.708,40 die zij meent te hebben verdiend op grond van een overeenkomst van opdracht met ARN voor de implementatie van nieuwe software. De bonus was afhankelijk gesteld van het gereed zijn van de software per 1 januari 2012.
De kantonrechter wees de vordering af en het hof bevestigt dit oordeel. Uit de feiten blijkt dat de software technisch was geïnstalleerd, maar de inrichting en het testen niet volledig waren afgerond, mede door onvoldoende medewerking van ARN. De directie van ARN besloot op 7 december 2011 de ingebruikname uit te stellen omdat de organisatie niet klaar was.
Het hof overweegt dat de bonus bedoeld is als prikkel voor daadwerkelijke ingebruikname en dat [X] het risico draagt dat het resultaat niet wordt bereikt. De stelling van [X] dat zij recht heeft op de bonus ondanks het uitstel wordt verworpen, ook omdat geen bewijs is geleverd dat ARN bewust de ingebruikname heeft vertraagd. De vordering wordt daarom afgewezen en de kosten worden aan [X] opgelegd.
Uitkomst: De vordering tot betaling van de bonus wordt afgewezen en het vonnis van de kantonrechter wordt bekrachtigd.