ECLI:NL:GHAMS:2014:552
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging berisping notaris wegens bewaringstekort en misbruik gelden derden
In deze zaak heeft het Gerechtshof Amsterdam het hoger beroep behandeld van een notaris tegen de door de kamer van toezicht opgelegde berisping wegens een bewaringstekort. De notaris had in de periode januari tot juni 2012 gelden van de kwaliteitsrekening overgeboekt naar de kantoorrekening om kantoorkosten te betalen, waardoor een tekort ontstond dat opliep tot ruim €53.000.
Bureau Financieel Toezicht (BFT) had een klacht ingediend en stelde dat de notaris het tekort had laten ontstaan en niet direct had aangevuld. De notaris erkende het tekort, maar voerde als disculperende omstandigheden aan dat zijn bank toezeggingen voor kredietverlening niet nakwam en dat hij over voldoende privévermogen beschikte. Tevens bracht hij formele bezwaren aan tegen de klacht en de kamer.
Het hof verwierp de formele bezwaren, waaronder het mandaat van de ondertekenaar van de klacht en de vermeende onafhankelijkheid van het onderzoek. Ook oordeelde het hof dat de kamer bevoegd was de zaak te behandelen ondanks een wijziging in de gerechtelijke indeling.
Het hof stelde vast dat het bewaringstekort in strijd was met de wettelijke verplichtingen van de notaris en dat de financiële omstandigheden geen rechtvaardiging vormden voor het gebruik van derden gelden voor eigen doeleinden. Het langdurige tekort en het ontbreken van voldoende bewustzijn van het laakbare karakter van de handelwijze rechtvaardigden de berisping. Het hof bekrachtigde daarom de opgelegde maatregel.
Uitkomst: De berisping van de notaris wegens het bewaringstekort en het misbruik van derden gelden wordt bekrachtigd.