Uitspraak
mr. I.M.C.A. Reinders Folmerte Amsterdam,
1.[GEÏNTIMEERDE SUB 1] en
mr. B.J. Blindenbachte Utrecht.
Gerechtshof Amsterdam
In deze zaak stond centraal of de echtgenoot van de leasehouder de effectenleaseovereenkomsten rechtsgeldig had vernietigd op grond van het ontbreken van schriftelijke toestemming zoals vereist in artikel 1:89 BW Pro, en of dit vernietigingsrecht inmiddels was verjaard.
De feiten betroffen twee leaseovereenkomsten aangegaan door [geïntimeerde sub 1] met Dexia, waarbij aandelen werden geleased en rente werd betaald. De echtgenoot, [geïntimeerde sub 2], had geen schriftelijke toestemming gegeven. Hij had de vernietiging van de overeenkomst ingeroepen en terugbetaling gevorderd. Dexia stelde dat het vernietigingsrecht was verjaard, onderbouwd met onder meer bankafschriften en telefoongesprekken.
Het hof oordeelde dat het bewijsvermoeden dat de echtgenoot op de hoogte was van de overeenkomsten door Dexia was ontzenuwd door getuigenverklaringen die stelden dat de echtgenote de financiën beheerde en de echtgenoot geen inzicht had. De verklaringen werden als consistent en geloofwaardig beoordeeld. Het hof verwierp het beroep op verjaring en bevestigde de vernietiging van de leaseovereenkomsten.
Dexia werd veroordeeld in de kosten van het hoger beroep. Het arrest werd gewezen door drie raadsheren en op 7 januari 2014 openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en bevestigt dat de leaseovereenkomsten rechtsgeldig zijn vernietigd, waarbij het beroep op verjaring wordt verworpen.