ECLI:NL:GHAMS:2015:3192

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
4 augustus 2015
Publicatiedatum
3 augustus 2015
Zaaknummer
200.173.906-01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand · 2 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Tussenarrest over comparitie en minnelijke regeling in hoger beroep civiele zaak

In deze civiele zaak tussen appellanten en geïntimeerde heeft het Gerechtshof Amsterdam een tussenarrest gewezen op 4 augustus 2015. Appellanten zijn in hoger beroep gekomen tegen eerdere vonnissen. Het hof heeft besloten een comparitie van partijen te gelasten met als doel het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep, waaronder mediation en bewijsvoering.

Partijen worden verplicht in persoon of door een gemachtigde te verschijnen, samen met hun advocaten, voor een raadsheer-commissaris. Tevens is bepaald dat partijen binnen een week verhinderdagen moeten opgeven, waarna de datum van de comparitie wordt vastgesteld. Verder moeten partijen uiterlijk twee weken voor de comparitie de relevante stukken overleggen.

De verdere beslissing wordt aangehouden totdat de comparitie heeft plaatsgevonden. Dit tussenarrest is een procedurele maatregel gericht op het bevorderen van een efficiënte en mogelijk minnelijke afwikkeling van het hoger beroep.

Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht
zaaknummer : 200.173.906/01
zaaknummer rechtbank : 3141587/CV EXPL 14-6331
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 4 augustus 2015
inzake
[appellant sub 1]en
[appellante sub 2] ,
beiden wonende te [woonplaats] ,
appellanten,
advocaat: mr. B.G. Baljet te IJmuiden,
tegen
de besloten vennootschap
RIJKSMONUMENTEN ZEELAND B.V.,
gevestigd te Middelburg,
geïntimeerde,
advocaat: mr. N.A. Koole te Middelburg.

1.Het geding in hoger beroep

Appellanten hebben bij exploot geïntimeerde aangezegd in hoger beroep te komen van een of meer tussen partijen in de onderhavige zaak gewezen vonnissen, met dagvaarding van geïntimeerde voor dit hof.
De zaak is op de rol ingeschreven en geïntimeerde is bij advocaat verschenen.

2.Beoordeling

Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en/of het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep, waarbij onder meer mediation, bewijsvoering en/of rapportage door deskundigen aan de orde kunnen komen. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3.Beslissing

Het hof:
bepaalt dat partijen in persoon respectievelijk, voor zover partijen rechtspersoon zijn, vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte en tot het geven van de verlangde inlichtingen in staat is en die bevoegd is (door schriftelijke machtiging of anderszins) tot het aangaan van een schikking, tezamen met hun advocaten zullen verschijnen voor het tot raadsheercommissaris benoemde lid van het hof mr. J.C. Toorman, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie, IJdok 20 te Amsterdam, op een nader te bepalen tijdstip, tot het hiervoor onder 2 omschreven doel;
bepaalt dat partijen binnen 1 week na heden op de rol van 11 augustus 2015 hun verhinderdagen en die van hun advocaten voor de eerstkomende 4 maanden kunnen opgeven, waarna het hof de dag en het tijdstip van de comparitie zal vaststellen, in welk geval behoudens klemmende redenen of overmacht geen uitstel van de comparitie meer zal worden verleend;
bepaalt dat partijen uiterlijk 2 weken vóór de dag van de comparitie de stukken waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, in kopie over zullen leggen door toezending aan het hof (roladministratie – team handel) en de wederpartij;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. J.C.W. Rang, C.C. Meijer en J.W. Hoekzema en in het openbaar uitgesproken op 4 augustus 2015 in tegenwoordigheid van de griffier.