Uitspraak
mr. E.F. Renes, kantoorhoudende te Amsterdam,
zonder advocaat.
1.Het verloop van het geding
2.De gronden van de beslissing
dat de aandelen door vererving 100% in handen zijn van [ [A] ], zodat de grondslag van het conflict is weggevallen”.
Gerechtshof Amsterdam
De Ondernemingskamer Amsterdam behandelde een verzoek tot opheffing van onmiddellijke voorzieningen die eerder waren getroffen in een geschil tussen verzoeker [A] en H.R.C. Holding B.V. Na het overlijden van bestuurder [B] op 5 mei 2015 en de daaropvolgende aandelenvererving aan verzoeker, was de grondslag van het conflict komen te vervallen.
Eerder had de Ondernemingskamer onderzoek bevolen naar het beleid en de gang van zaken binnen H.R.C. Holding en had zij Smit benoemd tot bestuurder en beheerder van de aandelen, terwijl [B] was geschorst. Smit verzocht op 18 augustus 2015 om ontheffing van zijn functie, welke verzoeken door verzoeker werden ondersteund.
De Ondernemingskamer concludeerde dat er geen belang meer was dat zich verzette tegen het verzoek tot opheffing van de voorzieningen. Daarom werden de bij beschikking van 25 november 2014 getroffen onmiddellijke voorzieningen met ingang van de zittingsdatum opgeheven en werd deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De Ondernemingskamer heeft de onmiddellijke voorzieningen opgeheven na aandelenvererving en overlijden bestuurder.