ECLI:NL:GHAMS:2015:3911

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
22 september 2015
Publicatiedatum
24 september 2015
Zaaknummer
200.126.717/01
Instantie
Gerechtshof Amsterdam
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Herstel arrest inzake bewijslast en akte nemen in civiele procedure

In deze civiele procedure tussen meerdere buitenlandse rechtspersonen, waaronder Güngen Denizcilik ve Ticaret A/S en PPG Coatings Europe B.V., heeft het gerechtshof Amsterdam op 14 juli 2015 een arrest gewezen. Na dit arrest verzocht PPG c.s. om herstel omdat in het dictum ten onrechte PPG en niet Güngen c.s. als eerste partij in de gelegenheid werd gesteld een akte te nemen.

Güngen c.s. maakte bezwaar tegen dit verzoek. Het hof oordeelde dat de bewijslast van het gestelde onrechtmatig handelen op Güngen c.s. rust en dat zij dan ook als eerste partij een akte hadden moeten kunnen nemen. De eerdere beslissing was een kennelijke fout die eenvoudig kon worden hersteld.

Het hof verbeterde daarom het arrest van 14 juli 2015 door in rechtsoverweging 4 op te nemen dat Güngen c.s. als eerste partij een akte mogen nemen met de in het eerdere arrest omschreven doeleinden. De zaak werd verwezen naar de rol van 6 oktober 2015 voor het nemen van deze akte, waarbij verdere beslissingen werden aangehouden.

De uitspraak werd gedaan door de meervoudige burgerlijke kamer van het gerechtshof Amsterdam op 22 september 2015 en betreft een procedure in hoger beroep waarin partijen zowel principaal als incidenteel appel en incidenteel appel voerden.

Uitkomst: Het hof herstelt het arrest door Güngen c.s. als eerste partij toe te staan een akte te nemen en verwijst de zaak naar de rol van 6 oktober 2015.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht, team I
zaaknummer : 200.126.717/01
zaaknummer rechtbank Amsterdam : 441472/HA ZA 09-3415
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 22 september 2015
inzake

1.de rechtspersoon naar buitenlands recht GÜNGEN DENIZCILIK VE TICARET A/S,

gevestigd te Ankara (Turkije),
2. de rechtspersoon naar buitenlands recht
GROUPAMA TRANSPORT S.A.,
gevestigd Le Havre (Frankrijk),
3. de rechtspersoon naar buitenlands recht
BRIT INSURANCE LTD.,
gevestigd te Londen (Verenigd Koninkrijk),
4. de rechtspersoon naar buitenlands recht
ASPEN INSURANCE UK LTD.
gevestigd te Londen (Verenigd Koninkrijk),
5. de rechtspersoon naar buitenlands recht
ROYAL AND SUN ALLIANCE COMPANY LTD.,
gevestigd te Horsham, West Sussex (Verenigd Koninkrijk),
6. de rechtspersoon naar buitenlands recht
ASSICURAZIONI GENERALI S.P.A.,
gevestigd te Triëst (Italië),
7. de rechtspersoon naar buitenlands recht
NEMI FORSIKRING A.S.A.,
gevestigd te Oslo (Noorwegen),
8. de rechtspersoon naar buitenlands recht
GARD MARINE & ENERGY LTD.,
gevestigd te Hamilton (Bermuda) althans te Oslo (Noorwegen),
appellanten in principaal appel,
tevens incidenteel geïntimeerden,
advocaat: mr. I.M.C.A. Reinders Folmer te Amsterdam,
tegen

1.PPG COATINGS EUROPE B.V.,

gevestigd te Uithoorn,
2. de rechtspersoon naar buitenlands recht
SIGMA SAMSUNG COATING CO., LTD.,
gevestigd te Ulsan (Korea),
geïntimeerden in principaal appel,
tevens incidenteel appellanten,
advocaat: mr. G.C. Endedijk te Amsterdam.

1.Het geding in hoger beroep

Partijen worden hierna gezamenlijk aangeduid als Güngen c.s. en PPG c.s (de laatsten afzonderlijk als PPG en Sigma).
Het hof heeft in deze zaak op 14 juli 2015 een arrest uitgesproken. Namens PPG c.s. is bij fax van 22 juli 2015 herstel van arrest gevraagd omdat in het dictum van voormeld arrest PPG en niet Güngen c.s. (als eerste) in de gelegenheid wordt gesteld een akte te nemen. Güngen c.s. hebben bij op 24 juli 2015 ingediend formulier bezwaar gemaakt tegen toewijzing van dit verzoek. PPG c.s. hebben hun verzoek bij formulier van 28 juli 2015 nader gemotiveerd.

2.Beoordeling

Nu de bewijslast van het gestelde onrechtmatig handelen rust op Güngen c.s. staat buiten kijf dat zij en niet PPG in het dictum van het arrest van 14 juli 2015 in de gelegenheid hadden moeten worden gesteld (als eerste) een akte te nemen. De andersluidende beslissing van het hof betreft derhalve een kennelijke fout. Nu deze fout zich leent voor eenvoudig herstel zal het hof hiertoe overgaan.

3.Beslissing

Het hof:
verbetert het in deze zaak op 14 juli 2015 uitgesproken arrest in die zin dat rechtsoverweging 4 van het arrest komt te luiden:
4. Beslissing
Het hof:
rechtdoende in principaal en incidenteel appel
verwijst de zaak naar de rol van dinsdag 6 oktober 2015 voor een akte aan de zijde van Güngen c.s. met de in het arrest van 14 juli 2015 onder 3.21 omschreven doeleinden;
houdt iedere verdere beslissing aan.”
stelt de verbetering op de minuut van dat arrest.
Dit arrest is gewezen door mrs. A.S. Arnold, J.W. Hoekzema en L.R. van Harinxma thoe Slooten en door de rolraadsheer in het openbaar uitgesproken op 22 september 2015.