ECLI:NL:GHAMS:2015:5023
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Uitleg overeenkomst verdeling woning na beëindiging affectieve relatie met schuldovername
In deze zaak draait het om de uitleg van een overeenkomst tussen Waste Land Developments B.V. en een voormalige partner, na het beëindigen van een affectieve relatie. De woning was gezamenlijk gekocht en gefinancierd met een hypothecaire lening. Waste Land had een geldleningsovereenkomst gesloten met de voormalige partner, die deels was afgelost met geleend geld van Waste Land.
Na het einde van de relatie verbleef de directeur en enig aandeelhouder van Waste Land alleen in de woning. Partijen sloten een volmacht waarin werd vastgelegd dat deze directeur de volledige hypotheekschuld zou dragen en dat de voormalige partner vanaf januari 2013 niet langer rente zou betalen. Waste Land vorderde ontbinding van de geldleningsovereenkomst en betaling van het openstaande bedrag door de voormalige partner.
De rechtbank wees deze vordering af en het hof bevestigde dit oordeel. Het hof overwoog dat de afspraken in de volmacht erop duiden dat de directeur de schuld van de voormalige partner voor zijn rekening neemt. Gezien de bijzondere relatie en de positie van de directeur binnen Waste Land, staat dit in de weg aan toewijzing van de vordering tegen de voormalige partner. Ook het feit dat ABN Amro de hoofdelijkheid niet wilde opheffen, leidt niet tot een andere uitkomst.
Het hof bekrachtigde het vonnis van de rechtbank en veroordeelde Waste Land in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van Waste Land af.