ECLI:NL:GHAMS:2015:5821

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
27 mei 2015
Publicatiedatum
17 februari 2017
Zaaknummer
23-000236-14
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid verdachte in hoger beroep wegens overschrijding termijn

De verdachte werd in eerste aanleg bij verstek veroordeeld door de politierechter in de rechtbank Noord-Holland op 28 mei 2013. De dagvaarding was op 11 mei 2013 persoonlijk aan de verdachte betekend. Hoewel de verdachte binnen veertien dagen na het vonnis hoger beroep had moeten instellen, deed hij dit pas op 21 januari 2014, ruim na de wettelijke termijn.

Het gerechtshof Amsterdam heeft daarom op 27 mei 2015 tijdens de terechtzitting het hoger beroep beoordeeld en geconcludeerd dat het hoger beroep niet-ontvankelijk moet worden verklaard wegens overschrijding van de termijn. De vordering van de advocaat-generaal werd in dit kader in overweging genomen.

Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, bestaande uit drie rechters, en uitgesproken in een openbare terechtzitting. Hierdoor blijft het vonnis van de politierechter in eerste aanleg ongewijzigd.

Uitkomst: Verdachte is niet-ontvankelijk verklaard in het hoger beroep wegens overschrijding van de wettelijke termijn.

Uitspraak

parketnummer: 23-000236-14
datum uitspraak: 27 mei 2015
VERSTEK
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland van 28 mei 2013 in de strafzaak onder parketnummer 15-160940-12 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1975,
adres: [adres].

Onderzoek ter terechtzitting

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van 27 mei 2015.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal.

Ontvankelijkheid van de verdachte in het hoger beroep

De verdachte is in eerste aanleg gedagvaard om op 28 mei 2013 te verschijnen ter terechtzitting van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland. De dagvaarding is op 11 mei 2013 in persoon aan de verdachte betekend.
De verdachte is op 28 mei 2013 bij verstek veroordeeld.
Tegen dit vonnis heeft verdachte niet binnen veertien dagen nadien hoger beroep ingesteld, maar eerst op 21 januari 2014.
Nu het hoger beroep niet binnen de wettelijk voorgeschreven termijn is ingesteld zal verdachte daarin niet-ontvankelijk worden verklaard.

BESLISSING

Het hof:
Verklaart de verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. N.A. Schimmel, mr. E. de Greeve en mr. R. Kuiper, in tegenwoordigheid van H. Doruk, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van 27 mei 2015.