ECLI:NL:GHAMS:2015:842

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
10 maart 2015
Publicatiedatum
12 maart 2015
Zaaknummer
200.163.395-01
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Aangehouden
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Comparitie gelast in civiele hoger beroepszaak over minnelijke regeling en bewijsvoering

In deze civiele hoger beroepszaak tussen appellanten en geïntimeerde heeft het Gerechtshof Amsterdam op 10 maart 2015 een tussenarrest gewezen. Appellanten waren in hoger beroep gekomen tegen vonnissen van de rechtbank. Het hof besloot een comparitie van partijen te gelasten met het doel om inlichtingen te verkrijgen, een minnelijke regeling te beproeven en het verdere verloop van het hoger beroep te bespreken.

Tijdens deze comparitie kunnen onder meer mediation, bewijsvoering en rapportage door deskundigen aan de orde komen. Partijen worden verplicht in persoon of door een vertegenwoordiger die bevoegd is tot het geven van inlichtingen en het aangaan van een schikking te verschijnen, samen met hun advocaten.

Het hof stelde tevens een procedurele termijn vast waarbinnen partijen hun verhinderdagen moeten opgeven, waarna de comparitie wordt gepland. Verder moeten partijen uiterlijk twee weken voor de comparitie alle stukken waarop zij een beroep willen doen overleggen aan het hof en de wederpartij. Het hof hield iedere verdere beslissing aan, waarmee het proces voorlopig wordt opgeschort tot na de comparitie.

Uitkomst: Het hof gelast een comparitie van partijen en houdt verdere beslissing aan.

Uitspraak

GERECHTSHOF AMSTERDAM

afdeling civiel recht en belastingrecht
zaaknummer : 200.163.395/01
zaaknummer rechtbank : C/13/539107 HAZA 13-384
arrest van de meervoudige burgerlijke kamer van 10 maart 2015
inzake
[appellant sub 1] ,
wonende te [woonplaats]
[appellant sub 2] ,
wonende te [woonplaats] ,
appellanten,
advocaat:
mr. E. El-Sharkawite 's-Gravenhage,
tegen
[geïntimeerde] , H.O.D.N [X] TRAVEL,
Gevestigd en kantoorhoudend te [vestigingsplaats]
geïntimeerde,
advocaat:
mr. L. Nixte Amsterdam.

1.Het geding in hoger beroep

Appellanten hebben bij exploot geïntimeerde aangezegd in hoger beroep te komen van een of meer tussen partijen in de onderhavige zaak gewezen vonnissen, met dagvaarding van geïntimeerde voor dit hof.
De zaak is op de rol ingeschreven en geïntimeerde is bij advocaat verschenen.

2.Beoordeling

Het hof ziet aanleiding om een comparitie van partijen te gelasten. Het doel is het verkrijgen van inlichtingen, het beproeven van een minnelijke regeling en/of het bespreken van het verdere verloop van het hoger beroep, waarbij onder meer mediation, bewijsvoering en/of rapportage door deskundigen aan de orde kunnen komen. Iedere verdere beslissing zal worden aangehouden.

3.Beslissing

Het hof:
bepaalt dat partijen in persoon respectievelijk, voor zover partijen rechtspersoon zijn, vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte en tot het geven van de verlangde inlichtingen in staat is en die bevoegd is (door schriftelijke machtiging of anderszins) tot het aangaan van een schikking, tezamen met hun advocaten zullen verschijnen voor het tot raadsheercommissaris benoemde lid van het hof P.F.G.T. Hofmeijer-Rutten, die daartoe zitting zal houden in het Paleis van Justitie, IJdok 20 te Amsterdam, op een nader te bepalen tijdstip, tot het hiervoor onder 2 omschreven doel;
bepaalt dat partijen binnen 1 week na heden op de rol van 17 maart 2015 hun verhinderdagen en die van hun advocaten voor de eerstkomende 4 maanden kunnen opgeven, waarna het hof de dag en het tijdstip van de comparitie zal vaststellen, in welk geval behoudens klemmende redenen of overmacht geen uitstel van de comparitie meer zal worden verleend;
bepaalt dat partijen
uiterlijk 2 weken vóór de dag van de comparitiede stukken waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, in kopie over zullen leggen door toezending aan het hof (roladministratie – team handel) en de wederpartij;
houdt iedere verdere beslissing aan.
Dit arrest is gewezen door mrs. J.C.W. Rang, C.C. Meijer en J.W. Hoekzema en in het openbaar uitgesproken op 10 maart 2015 in tegenwoordigheid van de griffier.