Uitspraak
Onderzoek van de zaak
Vonnis waarvan beroep
Oplegging van straf
Toepasselijke wettelijke voorschriften
BESLISSING
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (drie) maanden.
Gerechtshof Amsterdam
Het gerechtshof Amsterdam behandelde het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter waarin verdachte was veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf wegens illegaal verblijf in Nederland terwijl een inreisverbod gold.
Het hof bevestigde het bewezenverklaarde feit dat verdachte als vreemdeling in Nederland verbleef ondanks een inreisverbod. Het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf werd getoetst aan de Terugkeerrichtlijn (2008/115/EG), waarbij het hof oordeelde dat strafoplegging niet strijdig is zolang de terugkeerprocedure is doorlopen.
Uit het proces-verbaal bleek dat verdachte meerdere keren weigerde mee te werken aan terugkeer naar Iran, maar dat de Nederlandse autoriteiten voldoende inspanningen hadden geleverd. Het hof stelde de straf vast op drie maanden gevangenisstraf, lager dan de vijf maanden van de politierechter, rekening houdend met recidive en de richtlijnen van het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht.
De tijd die verdachte in voorarrest had doorgebracht, werd in mindering gebracht op de straf. Het vonnis werd in zoverre vernietigd en opnieuw recht gedaan, met bevestiging van de overige onderdelen van het vonnis.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot drie maanden gevangenisstraf wegens illegaal verblijf na doorlopen terugkeerprocedure.