ECLI:NL:GHAMS:2016:3229
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Klacht tegen notaris over beheer en afrekening depot in akte van levering
Klager heeft een klacht ingediend tegen de notaris wegens vermeend nalatig beheer van een depot dat was gestort op grond van artikel 6 van Pro de akte van levering. De klacht bestond uit vier onderdelen: het niet opstellen van een depotovereenkomst, het niet jaarlijks verstrekken van een renteopgave, het hanteren van een te laag rentepercentage in de afrekening en het niet verstrekken van een jaarlijks overzicht terwijl kosten werden doorberekend.
De kamer voor het notariaat had de klacht deels gegrond verklaard en de notaris berispt. In hoger beroep stelde de notaris zich op het standpunt dat klager niet-ontvankelijk was in de eerste twee onderdelen wegens termijnoverschrijding en dat de klacht ongegrond was. Het hof oordeelde dat klager ontvankelijk was omdat het vermeende nalaten voortduurde binnen de klachttermijn.
Het hof stelde vast dat de depotovereenkomst besloten lag in de akte van levering en dat het niet gebruikelijk is jaarlijks een renteopgave te verstrekken, waardoor de eerste twee klachten ongegrond waren. Voor de laatste twee onderdelen had klager geen belang meer omdat het depot en de rente aan de woningstichting waren uitgekeerd en de kosten niet ten laste van klager kwamen. Daarom verklaarde het hof klager niet-ontvankelijk in die onderdelen en vernietigde de eerdere beslissing.
Uitkomst: De klacht tegen de notaris wordt ongegrond verklaard voor de eerste twee onderdelen en klager wordt niet-ontvankelijk verklaard voor de laatste twee onderdelen.