ECLI:NL:GHAMS:2016:3411

Gerechtshof Amsterdam

Datum uitspraak
23 augustus 2016
Publicatiedatum
24 augustus 2016
Zaaknummer
23-004914-15
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Vrijspraak
Procedures
  • Hoger beroep
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 172 GemeentewetArt. 177 GemeentewetArt. 2.9A Algemene Plaatselijke Verordening 2008Art. 422 lid 2 Wetboek van Strafvordering
Verwijzingen
3 uitgaand · 1 inkomend
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vrijspraak wegens onvoldoende kennis dealerverblijfsverbod

In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter vernietigd en de verdachte vrijgesproken van het niet voldoen aan een dealerverblijfsverbod. De verdachte werd ervan beschuldigd zich op 1 oktober 2015 niet te hebben verwijderd uit een door de burgemeester aangewezen dealeroverlastgebied en zich daar gedurende drie maanden niet te bevinden.

Het hof oordeelde dat uit het dossier niet kon worden vastgesteld dat de verdachte op de hoogte was van het op 18 augustus 2015 gegeven bevel. De publicatie van het verbod op 19 augustus in de Metro werd onvoldoende geacht om kennis van het verbod aan de verdachte toe te rekenen.

Daarom werd het ten laste gelegde niet bewezen verklaard en werd de verdachte vrijgesproken. Het hof vernietigde het eerdere vonnis en deed opnieuw recht. De strafvordering van het openbaar ministerie tot twee weken gevangenisstraf werd afgewezen.

Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat hij op de hoogte was van het dealerverblijfsverbod.

Uitspraak

Parketnummer: 23-004914-15
Datum uitspraak: 23 augustus 2016
TEGENSPRAAK (gemachtigd raadsman)
Arrest van het gerechtshof Amsterdam gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Amsterdam van 1 december 2015 in de strafzaak onder parketnummer
13/198703-15 tegen
[verdachte],
geboren te [geboorteplaats] (Suriname) op [geboortedag] 1971,
adres: [adres].

Onderzoek van de zaak

Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van
9 augustus 2016 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.
Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door de raadsman naar voren is gebracht.

Tenlastelegging

Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:
hij op 1 oktober 2015 te 23.15 uur te Amsterdam opzettelijk niet heeft voldaan aan een krachtens artikel 172 en Pro/of 177 van de Gemeentewet en/of 2.9A van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008, in elk geval krachtens wettelijk voorschrift, door of namens de burgemeester van Amsterdam (zijnde een ambtenaar met de uitoefening van enig toezicht belast) gegeven bevel, inhoudende -zakelijk weergegeven - om zich uit het dealeroverlastgebied 1.0, althans uit een door de burgemeester aangewezen gebied, te verwijderen en zich daar gedurende 3 maanden niet meer te bevinden.
Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zal het hof deze verbeterd lezen. De verdachte wordt daardoor niet in de verdediging geschaad.

Vonnis waarvan beroep

Het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, omdat het hof met betrekking tot de bewijsvraag tot een andere beslissing komt dan de politierechter.

Vordering van het openbaar ministerie

De advocaat-generaal heeft gevorderd dat de verdachte voor het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twee weken.

Vrijspraak

Op grond van de stukken in het dossier kan niet worden vastgesteld dat de verdachte op 1 oktober 2015 kennis had van de inhoud – een dealerverblijfsverbod - van het op 18 augustus gegeven bevel, zodat de verdachte moet worden vrijgesproken van het ten laste gelegde. Dat het verbod op 19 augustus in de Metro is gepubliceerd is onvoldoende om aan te kunnen nemen dat de verdachte van het verbod op de hoogte was.

BESLISSING

Het hof:
Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:
Verklaart niet bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.
Dit arrest is gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam, waarin zitting hadden mr. A.D.R.M. Boumans, mr. F.M.D. Aardema en mr. G.M. Boekhoudt, in tegenwoordigheid van mr. C.J.J. Kwint, griffier, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van dit gerechtshof van
23 augustus 2016.
[......]
.