ECLI:NL:GHAMS:2016:4435
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- C.M. Aarts
- H.T. van der Meer
- R.J.F. Thiessen
- Rechtspraak.nl
Bekrachtiging beschikking transitievergoeding bij opzegging arbeidsovereenkomst onder overgangsrecht Wwz
In deze zaak stond centraal of Zaam, een onderwijsinstelling, aan een werknemer een transitievergoeding moest betalen na opzegging van de arbeidsovereenkomst. De werknemer was sinds april 2013 ziek en volledig arbeidsongeschikt verklaard per april 2015. Zaam had op 30 juni 2015 toestemming gevraagd aan het UWV voor opzegging wegens langdurige arbeidsongeschiktheid, welke op 17 juli 2015 werd verleend. De arbeidsovereenkomst werd vervolgens op 8 september 2015 opgezegd met ingang van 1 januari 2016.
Zaam beriep zich op het overgangsrecht van de Wet werk en zekerheid (Wwz), stellende dat de transitievergoeding niet verschuldigd was omdat de opzegging was gebaseerd op een verzoek om toestemming dat voor de inwerkingtreding van de Wwz was gedaan. Het hof oordeelde echter dat het oude recht, het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen (BBA), niet van toepassing was op onderwijzend personeel, zodat Zaam de arbeidsovereenkomst zonder toestemming had kunnen opzeggen vóór 1 juli 2015. Het verzoek aan het UWV was dus niet rechtsgeldig in het kader van het overgangsrecht.
Daarnaast wees het hof het beroep van Zaam af dat collectieve afspraken of een arbeidsongeschiktheidspensioen de transitievergoeding zouden uitsluiten. De werknemer was niet werkloos maar arbeidsongeschikt en het pensioen was geen vergoeding wegens beëindiging van het dienstverband. Ook het beroep op redelijkheid en billijkheid en rechtsdwaling faalde.
Het hof bekrachtigde de beschikking van de kantonrechter, veroordeelde Zaam tot betaling van de transitievergoeding van €47.360,87 plus wettelijke rente vanaf de datum van de beschikking, en veroordeelde Zaam in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt de beschikking en veroordeelt Zaam tot betaling van de transitievergoeding en wettelijke rente.