Uitspraak
1.Het geding in hoger beroep
De kamer heeft in de bestreden beslissing de klacht van geïntimeerden (hierna afzonderlijk te noemen: klaagster 1, klaagster 2, klager 3 en klager 4 en tezamen: klagers) voor wat betreft de klachtonderdelen 1), 3), 4), 6), 7), 9), 10) en 13) gegrond verklaard en de notaris de maatregel van berisping opgelegd, alsmede een geldboete van € 5.000,00. De kamer heeft de klacht van klagers voor wat betreft de klachtonderdelen 2), 5), 8), 11) en 12) (deels) ongegrond verklaard. Voor het overige zijn klagers niet-ontvankelijk verklaard in hun klacht.
2.Stukken van het geding
3.Feiten
Benoeming executeur