ECLI:NL:GHAMS:2017:1451
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vordering advocaat op grond van bestuurdersaansprakelijkheid wegens niet betaling declaratie
De advocaat ([appellant]) trad op voor I2BC Media B.V. in een procedure tegen de Nederlandse Moslim Omroep (NMO). Na het plotselinge overlijden van de enige bestuurder van I2BC werd [geïntimeerde] pro forma bestuurder om de procedure voort te zetten. De vordering van I2BC werd in eerste aanleg en hoger beroep afgewezen. De advocaat stuurde een factuur van € 6.812,72 die onbetaald bleef, waarna hij [geïntimeerde] aansprakelijk stelde op grond van bestuurdersaansprakelijkheid.
De kantonrechter wees de vordering af, waarbij het hof het vonnis bekrachtigde. Het hof oordeelde dat de advocaat onvoldoende feiten had gesteld om aan te tonen dat [geïntimeerde] persoonlijk garant stond voor de betaling of onzorgvuldig had gehandeld als bestuurder. De stelling dat [geïntimeerde] namens haar familie garant stond, werd niet voldoende onderbouwd.
Het hof overwoog dat de opdracht tot voortzetting van de procedure was gegeven vóór de benoeming van [geïntimeerde] tot bestuurder, dat zij slechts pro forma was aangesteld, en dat de advocaat voorafgaand aan het hoger beroep had aangegeven dat hij zijn factuur afhankelijk zou maken van het resultaat. Het hof vond geen sprake van onrechtmatig handelen door [geïntimeerde] en veroordeelde de advocaat in de kosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof bekrachtigt het vonnis en wijst de vordering van de advocaat af met veroordeling in de kosten van het hoger beroep.