In hoger beroep heeft het gerechtshof Amsterdam het vonnis van de politierechter in de rechtbank Noord-Holland vernietigd en opnieuw recht gedaan in de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het voorhanden hebben van een wapen van categorie I, namelijk een op een Walther P99 gelijkend balletjespistool.
Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 25 augustus 2016 te Haarlem dit balletjespistool voorhanden had. Het overige ten laste gelegde werd niet bewezen verklaard. De strafbaarheid van het bewezen verklaarde werd bevestigd, waarbij het handelen in strijd werd geacht met artikel 13, eerste lid, van de Wet wapens en munitie.
De politierechter had in eerste aanleg een taakstraf van 40 uur opgelegd, subsidiair 20 dagen hechtenis, waarvan 10 uur en 5 dagen voorwaardelijk. De advocaat-generaal vorderde dezelfde straf. Het hof legde in hoger beroep een taakstraf van 20 uur en 10 dagen hechtenis op, waarbij het risico van intimidatie door het pistool werd meegewogen.
Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 21 juni 2017.