ECLI:NL:GHAMS:2017:270
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake schorsing tenuitvoerlegging vonnis commissieovereenkomst onroerend goed
Dromore B.V. is in hoger beroep gekomen tegen een vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin zij is veroordeeld tot betaling van een commissie aan First Crown Investments B.V. op grond van een overeenkomst over de verkoop van een onroerende zaak. Dromore heeft tevens incidenteel verzocht om schorsing van de tenuitvoerlegging van het vonnis totdat in samenhang met deze zaak lopende procedures onherroepelijk zijn beslist.
Het hof overweegt dat schorsing van tenuitvoerlegging slechts mogelijk is indien sprake is van misbruik van executiebevoegdheid, bijvoorbeeld bij een klaarblijkelijke juridische of feitelijke misslag of een noodtoestand voor de veroordeelde. Dromore heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat het vonnis op een misslag berust of dat tenuitvoerlegging een noodtoestand veroorzaakt, ook niet gezien de lopende arbitrageprocedure in Israël en de vrijwaringszaak.
Het hof wijst de incidentele vordering tot schorsing af en zal Dromore bij het eindarrest in de hoofdzaak veroordelen in de kosten van het incident. De hoofdzaak wordt verwezen naar de rol voor het nemen van een memorie van grieven door Dromore. Het arrest is uitgesproken door het hof op 31 januari 2017.
Uitkomst: Het hof wijst de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging af en verwijst de hoofdzaak naar de rol voor het nemen van een memorie van grieven.