Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
). Op grond van dit compromis is de waarde van de woning voor de waardepeildatum 1 januari 2012 (voor het kalenderjaar 2013) bepaald op € 1.400.000.
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning, die door de heffingsambtenaar was vastgesteld op €1.470.000 en na bezwaar verlaagd tot €1.377.000 voor het kalenderjaar 2014. De rechtbank verklaarde het beroep van belanghebbende ongegrond, waarna hij hoger beroep instelde bij het Gerechtshof Amsterdam.
Het geschil betrof de WOZ-waarde per peildatum 1 januari 2013. Het hof heeft het waarderapport van de heffingsambtenaar, gebaseerd op vergelijkingsobjecten die kort voor of na de peildatum zijn verkocht, als voldoende aannemelijk beoordeeld. De door belanghebbende overgelegde taxatierapporten en waardeverklaringen boden onvoldoende inzicht en onderbouwing om de vastgestelde waarde te betwisten.
Belanghebbende voerde meerdere klachten aan, waaronder onvoldoende rekening houden met betere referentieobjecten, het gebruik van een niet openbaar computerprogramma, en waardedruk door nabijheid van een UMTS-mast en verkeersoverlast. Het hof verwierp deze klachten, onder meer omdat de heffingsambtenaar de waardedruk van de ongunstige indeling met 5% correct had verwerkt en de vergelijkingsobjecten representatief waren.
Het hof bevestigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond. Er werd geen veroordeling in kosten uitgesproken. Tegen deze uitspraak staat beroep in cassatie open bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het hoger beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de WOZ-waarde van €1.377.000 wordt bevestigd.