ECLI:NL:GHAMS:2017:5683
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen tenuitvoerlegging voorwaardelijke gevangenisstraf afgewezen
In deze strafzaak is het hoger beroep behandeld tegen het vonnis van de rechtbank Amsterdam waarin onder meer de tenuitvoerlegging van een voorwaardelijke gevangenisstraf werd gevorderd. De verdachte was reeds langere tijd in voorarrest geweest en was bovendien tot ongewenst vreemdeling verklaard, waardoor behandeling tijdens detentie niet mogelijk zou zijn.
De advocaat-generaal vorderde in hoger beroep om de voorwaardelijke gevangenisstraf niet ten uitvoer te leggen maar de proeftijd te verlengen met één jaar. De raadsvrouw van de verdachte verzocht afwijzing van de tenuitvoerleggingsvordering vanwege de reeds doorgebrachte voorarresttijd en de status van ongewenst vreemdeling.
Het hof stelde vast dat de verdachte 73 dagen langer in voorarrest had gezeten dan de opgelegde gevangenisstraf en dat de ISD-maatregel opnieuw was opgelegd. Gezien de verstreken tijd sinds oplegging van de voorwaardelijke straf en de omstandigheden wees het hof de tenuitvoerleggingsvordering af, vernietigde dit onderdeel van het vonnis en bevestigde het overige vonnis.
Deze uitspraak betekent dat de voorwaardelijke gevangenisstraf niet wordt uitgevoerd, maar de proeftijd wordt verlengd, waarmee het hof rekening hield met de bijzondere situatie van de verdachte.
Uitkomst: De vordering tot tenuitvoerlegging van de voorwaardelijke gevangenisstraf wordt afgewezen en de proeftijd verlengd.