Uitspraak
mr. J.G.M. Stassen, kantoorhoudende te Enschede (voorheen: mr. M.A. Vles te Weert),
mr. K. Watanabeen
mr. W.J. Berghuis, beiden kantoorhoudende te Amsterdam,
[A],
mr. K. Watanabeen
mr. W.J. Berghuis, beiden kantoorhoudende te Amsterdam.
Het [A] van het geding
“eind 2018 sluiting Heerlen in verband met gebrek aan inkomsten (verlies 40 arbeidsplaatsen)”. De Ondernemingskamer heeft MFH/Marinoffs in de gelegenheid gesteld zich uitsluitend ten aanzien van dit punt nader uit te laten. Bij brief van 30 maart 2018 met bijlagen heeft MFH/Marinoffs de juistheid van de door mr. Stassen aangehaalde uitlating betwist. Dit punt zal hierna in 3.1 aan de orde komen.
2 De feiten
strategy advisorvan Marinoffs.
operational managerin dienst getreden bij MRC.
Alle rechten en verplichtingen die voor Partijen voortvloeien uit hoofde van deze overeenkomst zullen eveneens gelden voor rechtsopvolgers van Partijen onder algemene of bijzondere titel.” De overeenkomst is ondertekend door [B] en [F] .
“Er zijn op papier 20 machines verkocht door ten behoeve van de aankoop van de firma. Er zijn hierdoor teveel machines verkocht. Om de activiteiten te continueren moeten er 8-9 machines worden teruggekocht (…) Wat kunt u mij raden? (…)”. In een e-mail van 9 november 2017 heeft BVA Auctions B.V. melding gemaakt van een op 8 november 2017 plaatsgevonden overleg tussen [B] , [F] , [G] en BVA Auctions waarin afspraken zijn gemaakt omtrent de veiling van twintig machines in opdracht van [G] .
“Hierbij belasten wij u voor de 7 machines uit het pakket dat ik gekocht heb van Mechané B.V. d.d. 08-08-2017 (…)”.
“(…) Van mij wordt verwacht als statutair bestuurder dat ik de belangen van MFH behartig met inachtneming van het feit dat MFH onderdeel uitmaakt van het Marinoffs-concern.”[B] schrijft dat hij
“enerzijds loyaal moet zijn aan de wensen en belangen van dat concern, anderzijds wel primair verantwoordelijk[is]
voor de continuïteit van de activiteiten van MFH. Hierbij stel ik vast dat essentiële informatie die ik nodig heb om de juiste afwegingen te maken, mij wordt onthouden. En als ik niet in staat ben om op basis van alle relevante zaken een afweging te maken, dan ontkom ik er niet aan een afweging te maken op basis van wat ik wel weet (en indien nodig daaraan ook consequenties te verbinden).”Ten aanzien van de machines schrijft [B] dat hij in samenspraak met [D] een overzicht heeft gemaakt waaruit volgt dat een deel van de voor MFH essentiële machines worden geveild.
“Mij is echter – ondanks herhaald verzoek – niet duidelijk waarom dat zou moeten gebeuren. Sterker nog, ik heb een overeenkomst getekend en dienovereenkomstig betaald die mij het gebruik van die machines voor de komende 4 jaar garandeert.[ [D] ]
houdt mij weliswaar voor dat die noodzakelijke machines/capaciteiten uit Marinoffs zal worden opgevangen, maar tot de dag van vandaag heb ik niet vernomen, laat staan gezien, door wie en hoe dat dan zou moeten gebeuren. Bovendien weet[ [D] ]
ook dat een dergelijke transitie een proces is wat vele maanden – en substantiële kosten – zal vergen. Wie betaalt dat? Wie communiceert wat met de klanten? Alleen als dit allemaal geregeld is, zou ik redelijkerwijs kunnen instemmen met afscheid nemen van een deel van het machinepark van MFH. Maar terwijl er nog helemaal niets geregeld is, wordt door[ [D] ]
aangedrongen op het laten veilen van dat deel van het machinepark. Die verkoop en veiling heeft echter te maken met afspraken tussen derden ( [F] en [G] ).”
3.De gronden van de beslissing
‘buy and build’-strategie ernaar streeft complementaire Tier 3-bedrijven binnen de staal- en offshore-markt, zoals MFH, te clusteren en synergievoordelen te behalen. Het doel is die bedrijven uiteindelijk te transformeren naar Tier 2-ondernemingen (zijnde key-leveranciers voor Tier 1-bedrijven). Volgens Marinoffs kan zij op deze wijze in de diverse groepsonderdelen specialisatie mogelijk maken door onder meer via allocatie van machines de afzonderlijke machineparken beter te laten renderen en de bezettingsgraad van de machines te verbeteren. Marinoffs heeft daartoe een planning gemaakt. De overname van diverse dochtermaatschappijen heeft Marinoffs (deels) gefinancierd door verkoop van machines van individuele dochtervennootschappen en het vervolgens herverdelen van de activa over de groep. Marinoffs is doende op holdingniveau een concernfinanciering te verkrijgen. Een herwaardering van individuele machines gecombineerd met de verkoop van een aantal machines is onderdeel daarvan. De consolidatie in een concern maakt tevens een groepsfinanciering mogelijk; MFH beschikt niet over een bankkrediet en is afhankelijk van een concernfinanciering. Voornoemde financieringsconstructie, waarvan de transactie met onder meer [G] onderdeel uitmaakt, is daarom in het belang van MFH alsmede van het gehele concern.