Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.[appellant sub 1] ,
[appellante sub 2],
[appellant sub 3],
[appellante sub 4],
1.[geïntimeerde sub 1] ,
[geïntimeerde sub 2],
1.Het geding in hoger beroep
2.Feiten
Grief 1 in principaal appel, waarmee [appellanten] aanvoeren dat de rechtbank bepaalde feiten ten onrechte niet heeft vastgesteld, faalt in zoverre dat het de rechtbank vrij stond alleen die feiten vast te stellen die zij ter motivering van haar oordeel nodig had. Het hof zal echter de door [appellanten] aangevoerde feiten en omstandigheden, voor zover die vaststaan en relevant zijn, bij de beoordeling betrekken. Het hof zal de door de rechtbank vastgestelde feiten, waar nodig, aanvullen met andere feiten die in hoger beroep zijn komen vast te staan.
“(…) de erfdienstbaarheid van weg om te komen van en te gaan naar het heersend erf naar en van de openbare weg via de weg, gelegen op het lijdend erf, welke erfdienstbaarheid uitgeoefend mag worden met een auto en dergelijke voertuigen”.
: