ECLI:NL:GHAMS:2018:739
Gerechtshof Amsterdam
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot vergoeding kosten rechtsbijstand na sepot afgewezen in hoger beroep
Appellant verzocht om vergoeding van kosten voor rechtsbijstand in verband met een strafzaak die zonder strafoplegging werd geseponeerd. De rechtbank had het verzoek toegewezen en het bedrag verrekend volgens artikel 90 lid 3 Sv Pro.
Appellant stelde in hoger beroep dat verrekening niet mogelijk was omdat hij de advocaatrekening nog niet had voldaan. Het hof oordeelde dat noch de wetstekst noch de totstandkomingsgeschiedenis van de relevante wetsartikelen een beletsel vormen voor verrekening, ook niet indien de advocaat nog niet betaald is.
Het hof bevestigde daarmee de eerdere beschikking en verklaarde het hoger beroep ongegrond. De beschikking werd uitgesproken door de meervoudige raadkamer van het gerechtshof Amsterdam op 23 februari 2018.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de verrekening van de vergoeding wordt bevestigd.