De verdachte werd beschuldigd van oplichting door zich tussen 4 november en 1 december 2015 in Zaandam valselijk voor te doen als professioneel huurbemiddelaar werkzaam bij de gemeente, waardoor twee woningzoekers werden bewogen tot het afgeven van geld. In eerste aanleg werd zij veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken.
In hoger beroep heeft het gerechtshof het vonnis van de politierechter vernietigd en de strafoplegging herzien. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte zich schuldig had gemaakt aan oplichting door misbruik van vertrouwen en het aannemen van een valse hoedanigheid, maar hield rekening met haar persoonlijke omstandigheden, waaronder een eerdere veroordeling en haar inzet om haar leven te beteren.
Het hof legde een taakstraf van 60 uur op, met een subsidiaire hechtenis van 30 dagen, en een voorwaardelijke gevangenisstraf van drie weken met een proeftijd van drie jaar. De verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen. Het arrest werd gewezen door de meervoudige strafkamer van het gerechtshof Amsterdam op 16 april 2019.