ECLI:NL:GHAMS:2019:1472
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen afwijzing verzoek ambtshalve vermindering inkomstenbelasting 2011
Belanghebbende diende een verzoek om ambtshalve vermindering van de aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen 2011 in. Dit verzoek werd door de inspecteur afgewezen omdat het na de vijfjaarstermijn was ontvangen. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, omdat het verzoek niet tijdig was ingediend volgens de ontvangsttheorie.
In hoger beroep stelde belanghebbende dat het verzoek tijdig was verzonden op 30 december 2016, binnen de vijfjaarstermijn, maar onbestelbaar retour was gekomen doordat het postadres van de Belastingdienst was gewijzigd. Het Hof oordeelde dat deze omstandigheid niet voor rekening van belanghebbende komt en dat het verzoek daarom tijdig is gedaan.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de rechtbank en wees de zaak terug voor een inhoudelijke behandeling van het verzoek om ambtshalve vermindering. Tevens veroordeelde het Hof de inspecteur in de proceskosten en gelastte vergoeding van het griffierecht. De uitspraak werd gedaan door de belastingkamer van het Hof op 2 april 2019.
Uitkomst: Het Hof oordeelt dat het verzoek om ambtshalve vermindering tijdig is gedaan en wijst het hoger beroep toe door de zaak terug te verwijzen naar de rechtbank.