ECLI:NL:GHAMS:2019:1522
Gerechtshof Amsterdam
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep tegen niet-ontvankelijkheid verzoek tot vernietiging ontslag wegens overschrijding termijn
De zaak betreft een hoger beroep van [appellant] tegen een beschikking van de kantonrechter Amsterdam die hem niet-ontvankelijk verklaarde in zijn verzoek tot vernietiging van het ontslag door Workers4U. Het ontslag werd mondeling gegeven op 24 november 2017 en schriftelijk bevestigd op 11 december 2017. Het verzoek tot vernietiging werd pas op 25 januari 2018 ingediend, wat volgens het hof te laat was.
[Appellant] voerde aan dat de termijn pas op 11 december 2017 zou zijn gaan lopen, omdat toen de schriftelijke bevestiging van het ontslag plaatsvond. Het hof oordeelde echter dat de wettelijke termijn van twee maanden begint te lopen op het moment van het ontslag zelf, ongeacht schriftelijke bevestiging. Er was geen sprake van omstandigheden die een effectieve bescherming tegen het ontslag in de weg stonden.
Daarnaast stelde [appellant] dat de directeur van Workers4U niet bevoegd was het ontslag uit te spreken vanwege het faillissement van de vennootschap. Het hof verwierp dit en stelde dat de statutair bestuurder zijn bevoegdheden behoudt en dat de opzegging niet ten nadele van de boedel was.
Het hof achtte de stelling van [appellant] dat er geen telefonisch ontslaggesprek op 24 november 2017 had plaatsgevonden niet geloofwaardig, gelet op eerdere verklaringen en het ontbreken van een plausibele verklaring voor de gewijzigde stelling.
Uiteindelijk bekrachtigde het hof de beschikking van de kantonrechter en veroordeelde [appellant] in de proceskosten van het hoger beroep.
Uitkomst: Het hof verklaart het verzoek tot vernietiging van het ontslag niet-ontvankelijk wegens overschrijding van de wettelijke termijn en bekrachtigt de beschikking van de kantonrechter.