Uitspraak
GERECHTSHOF AMSTERDAM
1.Ontstaan en loop van het geding
Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt dat met deze uitspraak wordt meegezonden.
2.Feiten
€ 402 +
€ 1.080 +
€ 492 -/-
Gerechtshof Amsterdam
Belanghebbende maakte bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen over 2015, waarin specifieke zorgkosten werden betwist door de inspecteur. Na diverse correspondentie en het overleggen van aanvullende bewijsstukken in de bezwaarfase, werd de aanslag gedeeltelijk verminderd.
Belanghebbende vorderde een proceskostenvergoeding voor de bezwaarfase, stellende dat de inspecteur onrechtmatig had gehandeld. De rechtbank wees dit af omdat de aanslag niet was herzien wegens een aan de inspecteur te wijten onrechtmatigheid, aangezien belanghebbende pas in de bezwaarfase het noodzakelijke bewijs had overgelegd.
Het hof bevestigde dit oordeel en benadrukte dat de inspecteur belanghebbende vooraf had geïnformeerd over het voornemen de aftrek te weigeren en hem de mogelijkheid had gegeven te reageren. Het hof verwierp het standpunt dat de inspecteur onrechtmatig had gehandeld door de aftrek niet eerder toe te kennen.
De uitspraak van de rechtbank werd bevestigd en het hoger beroep ongegrond verklaard. Er werden geen kosten aan de wederpartij opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd; geen proceskostenvergoeding toegekend.